ECLI:NL:GHSHE:2003:AF7208
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Harmsen
- Van de Loo
- De Lange
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs van overtreding lozingsvergunning
In deze strafzaak stond verdachte terecht voor overtreding van voorschriften verbonden aan een lozingsvergunning onder de Wet verontreiniging oppervlaktewateren. Het hof heeft het vonnis van de rechtbank vernietigd en verdachte vrijgesproken omdat het niet wettig en overtuigend bewezen kon worden dat verdachte de ten laste gelegde feiten had begaan.
De kern van het geschil betrof de plaats waar de monsters waren genomen. De vergunning stelde dat metingen moesten plaatsvinden op specifieke meetpunten, zoals in het pomphuis of een bemonsteringsput aan het begin van de pijp. De opsporingsambtenaren hadden echter gemeten aan het einde van de pijp. Het hof oordeelde dat de meetresultaten op die andere plaats niet zonder meer als bewijs konden dienen voor overschrijdingen op de voorgeschreven meetpunten.
Het hof overwoog ook dat de artikelen 4 en 5 van de vergunning, die de meetpunten omschreven, waren vernietigd met terugwerkende kracht, waardoor verdachte niet kon worden verweten dat hij in strijd met die voorschriften had gehandeld. Op grond hiervan en het gebrek aan bewijs sprak het hof verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van overtreding van lozingsvoorschriften.