ECLI:NL:GHSHE:2003:AF6137
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Huurman-van Asten
- Claassens
- Valkenburg
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep in verkrachtingszaak met taakstraf en voorwaardelijke gevangenisstraf
Het gerechtshof 's-Hertogenbosch heeft op 5 februari 2003 het vonnis van de rechtbank Breda van 21 maart 2002 vernietigd en een nieuwe uitspraak gedaan in een verkrachtingszaak. Verdachte werd ervan beschuldigd in de periode van 15 juli tot en met 14 augustus 1994 een slachtoffer seksueel binnengedrongen te hebben door haar te dwingen tot gemeenschap, waarbij hij onder meer de portieren van de auto had afgesloten en het slachtoffer had vastgehouden.
Het hof achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het primair ten laste gelegde feit van verkrachting heeft begaan, maar sprak hem vrij van andere tenlasteleggingen die niet bewezen konden worden. Het bewijs bestond onder meer uit de aangifte van het slachtoffer en verklaringen van getuigen die bevestigden dat er seksuele activiteiten hadden plaatsgevonden en dat het slachtoffer kort na het delict sprak over niet gewilde gemeenschap.
Bij de strafoplegging hield het hof rekening met de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het plaatsvond en de persoon van de verdachte, die eerder voor een soortgelijk feit was veroordeeld. Het hof legde een taakstraf van 240 uur op, te vervangen door 120 dagen hechtenis bij niet-naleving, en een voorwaardelijke gevangenisstraf van zes maanden met een proeftijd van twee jaar. De vordering van het slachtoffer tot schadevergoeding werd niet-ontvankelijk verklaard vanwege overschrijding van het maximum bedrag volgens het oude recht, met de mogelijkheid tot een burgerlijke procedure.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 240 uur taakstraf en zes maanden voorwaardelijke gevangenisstraf wegens verkrachting; vordering benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaard.