ECLI:NL:GHSHE:2002:AF9145
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- De Poorter
- Koster-Vaags
- De Jonge
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen en vervaardigen van synthetische drugs en verboden chemicaliën
De verdachte werd in hoger beroep door het gerechtshof 's-Hertogenbosch veroordeeld tot vijf jaar gevangenisstraf wegens medeplegen van het opzettelijk handelen in strijd met diverse verboden uit de Opiumwet en de Wet voorkoming misbruik chemicaliën. Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en deed opnieuw recht.
De zaak betrof het medeplegen van het vervoeren en aanwezig hebben van circa 17.269 XTC-pillen, het opzettelijk voorhanden hebben van ongeveer 54,75 liter BMK (1-Fenyl-2-Propanon) zonder vergunning, en het bereiden, bewerken en vervaardigen van amfetamine. Het bewijs bestond uit onder meer CIE-informatie, observaties, telefoontaps en proces-verbalen die samen een rechtmatige verdenking en overtuigend bewijs vormden.
De verdediging voerde onder meer aan dat het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk moest worden verklaard vanwege ontoetsbare CIE-informatie en betwistte de identiteit van een aangetroffen zak. Het hof verwierp deze verweren na toetsing van de bewijsmiddelen en concludeerde dat de verdachte strafbaar was. De straf werd bepaald rekening houdend met de ernst van de feiten en de maatschappelijke gevaren van harddrugs.
De verdachte werd vrijgesproken van hetgeen meer of anders was ten laste gelegd dan bewezen verklaard. De tijd in voorlopige hechtenis werd in mindering gebracht op de opgelegde gevangenisstraf.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot vijf jaar gevangenisstraf wegens medeplegen van verboden handelen volgens de Opiumwet en de Wet voorkoming misbruik chemicaliën.