ECLI:NL:GHSHE:2002:AF2231
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Huurman-van Asten
- Venhuizen
- Pijls
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak doodslag en veroordeling medeplegen moord met beperkte toerekeningsvatbaarheid
Het gerechtshof 's-Hertogenbosch heeft op 28 mei 2002 het vonnis van de rechtbank te 's-Hertogenbosch van 18 juli 2001 vernietigd en de verdachte vrijgesproken van medeplichtigheid aan doodslag (onder 1). Het hof achtte niet wettig en overtuigend bewezen dat het schot dat leidde tot het overlijden van het eerste slachtoffer met opzet is gelost.
Tegelijkertijd heeft het hof vastgesteld dat de verdachte medepleger is van de moord op het tweede slachtoffer, gepleegd na kalm beraad en rustig overleg. De verdachte was actief betrokken bij het vasthouden en mishandelen van het slachtoffer, en heeft mede de vlucht van het slachtoffer verhinderd, waarna het slachtoffer door mededaders met een mes werd gedood.
Het hof nam in haar oordeel mee dat de verdachte lijdende was aan een zodanige geestelijke stoornis dat zijn toerekeningsvatbaarheid verminderd was, maar dat hij wel strafbaar was. Gezien de ernst van het feit, de rol van de verdachte en zijn beperkte toerekeningsvatbaarheid, legde het hof een gevangenisstraf van drie jaar op, met aftrek van de tijd in voorlopige hechtenis.
De vorderingen van de benadeelde partijen werden niet-ontvankelijk verklaard vanwege de aard van het strafgeding en het feit dat geen straf werd opgelegd voor het onder 1 ten laste gelegde feit. Het arrest werd gewezen door de voorzitter Huurman-van Asten en raadsheren Venhuizen en Pijls.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van medeplichtigheid aan doodslag en veroordeeld tot drie jaar gevangenisstraf voor medeplegen van moord met verminderde toerekeningsvatbaarheid.