ECLI:NL:GHSHE:2002:AE8555
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Mouton
- Begheyn
- Feddes
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering schadevergoeding wegens beëindiging distributie Grimbergen-abdijbieren
Alken-Maes en Bavaria exploiteren beide bierbrouwerijen en hadden sinds 1990 een mondelinge overeenkomst waarbij Bavaria Grimbergen-abdijbieren van Alken-Maes distribueerde. Vanaf eind 1998 nam Bavaria tevens La Trappe-trappistenbieren in haar assortiment op en werd zij aandeelhouder van de brouwerij De Schaapskooi. Alken-Maes zag haar afname van Grimbergen-abdijbieren via Bavaria sterk dalen en vorderde schadevergoeding wegens vermeende onrechtmatige beëindiging van de distributieovereenkomst.
De rechtbank wees de vorderingen van Alken-Maes af. In hoger beroep stelde Alken-Maes subsidiair de medewerking aan scheiding en deling van een vermeende maatschap tussen partijen te vorderen. Het hof oordeelde dat er geen sprake was van een maatschap of een duurovereenkomst met bijzondere rechten en plichten, maar slechts van een wederverkoper-relatie. Bavaria had de distributieovereenkomst niet opgezegd en handelde niet onrechtmatig door La Trappe-bieren aan te bieden.
Het hof stelde vast dat de omzetdaling inherent is aan het ondernemersrisico en dat Bavaria geen onrechtmatige concurrentie heeft gepleegd. De subsidiaire vorderingen werden afgewezen. Alken-Maes werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep. Het voorwaardelijk incidenteel beroep van Bavaria werd niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en wijst de vorderingen van Alken-Maes af wegens het ontbreken van onrechtmatig handelen door Bavaria.