ECLI:NL:GHSHE:2002:AD9361
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen naheffingsaanslag accijns op onveraccijnsde alcoholische dranken afgewezen
Belanghebbende, een producent van bakkerijproducten, gebruikte advocaat met een alcoholpercentage van 14% waarvoor zij een vergunning tot accijnsvrij gebruik had gekregen. Tijdens een controle bleek dat zij meer advocaat had ingeslagen dan toegestaan en daarnaast andere alcoholische dranken zoals Amaretto en rum onveraccijnsd had betrokken. De Inspecteur legde een naheffingsaanslag op voor deze onveraccijnsde dranken.
Belanghebbende stelde dat de Inspecteur op grond van algemene beginselen van behoorlijk bestuur van naheffing had moeten afzien, mede vanwege eerdere ambtshalve teruggaaf en de overschrijding van de advocaathoeveelheid die niet werd nageheven. Het hof oordeelde dat de vergunning duidelijk beperkte vrijstelling gaf voor advocaat met 14% alcohol en dat andere dranken niet onder deze vrijstelling vielen.
Het hof verwierp de beroepen op het gelijkheidsbeginsel, vertrouwensbeginsel en evenredigheidsbeginsel en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Het vonnis werd op 22 januari 2002 uitgesproken door het Gerechtshof 's-Hertogenbosch.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag accijns op onveraccijnsde alcoholische dranken wordt ongegrond verklaard.