ECLI:NL:GHSHE:2002:AD8677
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rothuizen-Van Dijk
- Meulenbroek
- Sterk
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van ouderlijke boedelverdeling en opeisbaarheid wettelijk erfdeel bij overlijden echtgenoot
Deze zaak betreft een geschil over de uitvoering van een ouderlijke boedelverdeling in het testament van de overleden erflater. De erflater had haar gehele nalatenschap aan haar echtgenoot toebedeeld en aan haar kinderen een vordering wegens overbedeling toegekend, die pas bij het overlijden van de echtgenoot opeisbaar zou zijn. De kinderen vorderden het wettelijk erfdeel, maar de echtgenoot weigerde dit te voldoen.
De rechtbank had de vordering van de kinderen deels toegewezen, maar het hof oordeelt dat het testament een natuurlijke verbintenis tot verzorging van de echtgenoot bevat, wat rechtvaardigt dat het wettelijk erfdeel pas bij diens overlijden opeisbaar wordt. Het hof vindt de onderbouwing van de echtgenoot over zijn verzorgingsbehoefte onvoldoende, maar geeft hem de gelegenheid om dit nader te onderbouwen met financiële stukken.
Ook de waarde van de echtelijke woning is vastgesteld op 160.000 gulden, waarbij de betwisting van de kinderen onvoldoende gemotiveerd is. Het hof houdt de zaak aan om de aanvullende stukken te ontvangen en verdere beslissing te nemen, waarbij ook de omvang van de nalatenschap nader in kaart kan worden gebracht.
Uitkomst: Het hof houdt de zaak aan voor nadere onderbouwing van de verzorgingsbehoefte en nalatenschapswaarde en verwijst naar een nieuwe rolzitting.