ECLI:NL:GHSHE:2000:AA6070
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging naheffingsaanslag overdrachtsbelasting wegens onterecht opgelegde boete
Belanghebbende verkreeg in 1993 en 1996 percelen grond waarbij overdrachtsbelasting aan de orde was. Bij de tweede verkrijging werd ten onrechte een beroep gedaan op een vrijstelling, waardoor de Inspecteur een naheffingsaanslag met boete oplegde.
Het geschil betrof de vraag of de boete terecht was opgelegd. Het hof stelde vast dat het notariskantoor was overgedragen en dat het beroep op de vrijstelling en de beschikking daarop niet in het dossier aanwezig waren, waardoor de fout niet aan belanghebbende of de notaris te wijten was.
Het hof oordeelde dat geen sprake was van opzet of grove schuld en dat de boete daarom niet terecht was. De naheffingsaanslag werd verminderd door de boete te laten vervallen. Tevens werd de Inspecteur veroordeeld tot vergoeding van het door belanghebbende betaalde griffierecht en de proceskosten.
De uitspraak werd mondeling gedaan op 7 maart 2000 en schriftelijk bevestigd op 14 maart 2000.
Uitkomst: De naheffingsaanslag wordt verminderd door het vervallen van de boete en de Inspecteur wordt veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.