ECLI:NL:GHSHE:2000:AA6050
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Voorlopige voorziening
- J.A. Meijer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen naheffingsaanslag en boete omzetbelasting
Verzoekster, een vennootschap onder firma, kreeg een naheffingsaanslag en een boete opgelegd door de Inspecteur over het tijdvak 1 oktober 1996 tot en met 31 maart 1997. De aanslag betrof een bedrag van fl. 50.888,- en de boete fl. 25.444,-. Verzoekster maakte bezwaar, dat werd afgewezen, waarna beroep werd ingesteld bij het Hof.
Verzoekster vroeg vervolgens op grond van artikel 8:81 Awb Pro om een voorlopige voorziening, waarbij zij wilde voorkomen dat teruggaven omzetbelasting met de naheffingsaanslag en boete zouden worden verrekend. Tijdens de mondelinge behandeling erkende verzoekster dat vanwege haar faillissement geen sprake meer was van onverwijlde spoed.
Het Hof oordeelde dat de naheffingsaanslag terecht was opgelegd omdat de facturen waarop de aanslag was gebaseerd vals waren, zoals eerder door de rechtbank Zwolle was vastgesteld. Verzoekster kon niet te goeder trouw worden geacht. Het verzoek tot voorlopige voorziening werd daarom afgewezen. Ook werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening tegen naheffingsaanslag en boete omzetbelasting wordt afgewezen.