ECLI:NL:GHSHE:2000:AA6013
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging naheffingsaanslag overdrachtsbelasting wegens toepassing vrijstelling landbouwgrond
Belanghebbende, die agrarische activiteiten verricht op een perceel cultuurgrond, verwierf in 1995 een aangrenzend perceel landbouwgrond. De Inspecteur legde een naheffingsaanslag overdrachtsbelasting op omdat hij oordeelde dat geen sprake was van een landbouwbedrijf en de vrijstelling niet van toepassing was.
Het Hof overwoog dat belanghebbende als ondernemer in de zin van de omzetbelasting wordt aangemerkt en jaarlijks positieve resultaten behaalt met zijn agrarische activiteiten, waarmee sprake is van een landbouwbedrijf. De omvang van het bedrijf en de weigering van de Directeur Landbouw om een verklaring af te geven, zijn volgens het Hof niet doorslaggevend voor de toepassing van de vrijstelling.
Het Hof acht aannemelijk dat de samenvoeging van de percelen leidt tot een landbouwkundig beter te exploiteren perceel en dat de verkrijging in het belang is van een verbetering van de landbouwstructuur. Daarom is de vrijstelling van artikel 15 lid 1 onderdeel Pro q van toepassing en wordt de naheffingsaanslag vernietigd. Tevens wordt het door belanghebbende betaalde griffierecht vergoed.
Uitkomst: De naheffingsaanslag overdrachtsbelasting wordt vernietigd en het betaalde griffierecht wordt aan belanghebbende vergoed.