ECLI:NL:GHSGR:2012:BZ7065
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- van Nievelt
- van Kempen
- van Montfoort
- Rechtspraak.nl
Opheffing ondertoezichtstelling wegens ontbreken ernstige bedreiging ontwikkeling minderjarigen
In deze civiele zaak stond de ondertoezichtstelling van twee minderjarige kinderen centraal, die was opgelegd wegens een problematische verstandhouding tussen de ouders. De moeder was in hoger beroep gekomen tegen de beschikking van de kinderrechter die de ondertoezichtstelling had bevolen voor de periode van 6 maart 2012 tot 6 maart 2013.
De moeder voerde aan dat de ondertoezichtstelling onterecht was opgelegd en dat de rapportage van de raad van de kinderbescherming innerlijk tegenstrijdig was. Volgens haar werd de problematiek toegeschreven aan de beëindiging van de relatie tussen de ouders en was onvoldoende gekeken naar de werkelijke belangen van de kinderen. De raad en Jeugdzorg stelden dat de ondertoezichtstelling noodzakelijk was om de bedreigde ontwikkeling van de kinderen af te wenden en om begeleiding te bieden bij de omgang en communicatie tussen ouders.
Het hof oordeelde dat hoewel de verstandhouding tussen de ouders slecht was, er geen aanwijzingen waren dat de ontwikkeling van de minderjarigen ernstig werd bedreigd. De kinderen ontwikkelden zich leeftijdsadequaat, er was geen mishandeling, en de omgangsregeling verliep goed. De raad en Jeugdzorg konden geen voldoende gronden geven om de ondertoezichtstelling voort te zetten. Het hof besloot daarom de ondertoezichtstelling per 26 september 2012 op te heffen, waarbij de beschikking tot die datum werd bekrachtigd.
Uitkomst: De ondertoezichtstelling van de minderjarigen wordt per 26 september 2012 opgeheven wegens het ontbreken van een ernstige bedreiging van hun ontwikkeling.