ECLI:NL:GHSGR:2012:BZ6685
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Labohm
- Van der Burght
- Mulder
- Rechtspraak.nl
Verdeling huwelijksgemeenschap bij echtscheiding met verzwijging vermogensbestanddelen
In deze zaak staat de verdeling van de huwelijksgemeenschap tussen man en vrouw centraal na hun echtscheiding. De man is in hoger beroep gekomen tegen de beschikking van de rechtbank die de verdeling van de huwelijksgemeenschap heeft vastgesteld. De man betwist onder meer dat hij de helft van de waarde van een perceelgrond en het saldo van een Surinaamse bankrekening aan de vrouw moet toerekenen. De vrouw voert aan dat de man opzettelijk vermogensbestanddelen heeft verzwegen, waaronder perceelgrond in het buitenland.
Het hof oordeelt dat het perceelgrond met woning, waarvan de man het blote eigendom heeft, tot de huwelijksgemeenschap behoort en dus in de verdeling moet worden betrokken. Ook wordt vastgesteld dat het saldo van de Surinaamse bankrekening aan de vrouw toekomt. Daarnaast is er een restantschuld van een autolening en een belastingschuld die beide partijen gelijkelijk moeten dragen.
Verder heeft de man stelselmatig en opzettelijk een perceelgrond verzwegen. Het hof bepaalt dat het bloot eigendom van dit perceel aan de man wordt toegedeeld, maar dat hij de volledige waarde daarvan aan de vrouw moet voldoen. De bestreden beschikking wordt op deze punten vernietigd en herzien. De overige onderdelen van de beschikking worden bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof wijst de verdeling toe waarbij de man het bloot eigendom van een verzwegen perceel moet vergoeden en schulden gelijkelijk worden verdeeld.