ECLI:NL:GHSGR:2012:BZ6068
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Van Dijk
- Husson
- Roelvink-Verhoeff
- Rechtspraak.nl
Bewijs geleverd dat samenleven als waren zij gehuwd sinds 22 oktober 2008 is geëindigd
In deze civielrechtelijke zaak stond centraal of partijen, die samenleefden als waren zij gehuwd, hun samenleving sinds 22 oktober 2008 hadden beëindigd. De vrouw voerde aan dat de gemeenschappelijke huishouding en wederzijdse verzorging waren geëindigd en leverde daartoe bewijs.
Het hof nam kennis van diverse bewijsstukken, waaronder e-mails over de financiële afwikkeling van het samenlevingsverband, bankafschriften die een einde van de gezamenlijke rekening en huishouding aantoonden, en een verklaring van een derde die de afbouw van de samenleving beschreef. Tevens werden drie getuigen gehoord, waaronder de vader van de vrouw, die bevestigden dat de relatie was veranderd in een vriendschappelijke omgang.
De man voerde tegenargumenten aan, maar het hof oordeelde dat deze niet afdoen aan het bewijs van de vrouw. Het hof concludeerde dat sinds 22 oktober 2008 geen sprake meer was van een situatie als bedoeld in artikel 1:160 BW Pro. Verzoeken van de man om partneralimentatie werden afgewezen wegens gebrek aan onderbouwing.
Het hof bekrachtigde de bestreden beschikking en bepaalde dat ieder zijn eigen proceskosten draagt.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beschikking dat de samenleving sinds 22 oktober 2008 is geëindigd en wijst het verzoek om partneralimentatie af.