ECLI:NL:GHSGR:2012:BZ0534
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- U.E. Tromp
- J.T. Sanders
- W.M.G. Visser
- Rechtspraak.nl
Bevestiging rechtbankbeslissing inzake aftrekbaarheid rente eigenwoningschuld bij navordering inkomstenbelasting
Belanghebbende was gehuwd en had een eigen woning waarvoor zij in 2005 een bedrag aan rente van € 23.400 opvoerde als rente van schulden die verband houden met een verbouwing van de eigen woning. De Inspecteur legde aanslagen en navorderingsaanslagen op, waarbij bezwaar werd gemaakt en deels gehonoreerd. De rechtbank verklaarde de beroepen ongegrond, omdat belanghebbende onvoldoende bewijs had geleverd dat de rente betaald was en dat deze tot de eigenwoningschuld behoorde.
In hoger beroep betwistte belanghebbende deze conclusie, maar verscheen niet op de zitting vanwege een vermeend auto-ongeval van haar gemachtigde, hetgeen het Hof niet aannemelijk vond. Het Hof oordeelde dat het ontbreken van bewijs en het niet verschijnen op de zitting geen aanleiding gaf om het onderzoek te heropenen.
Het geschil spitste zich toe op de vraag of de rente van € 23.400 in aftrek kon worden gebracht. Het Hof volgde de rechtbank in haar oordeel dat dit niet het geval was, omdat geen stukken waren overgelegd die de betaling van deze rente aannemelijk maakten.
De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd, het hoger beroep ongegrond verklaard en geen proceskostenveroordeling opgelegd. Partijen werd gewezen op de mogelijkheid tot cassatie bij de Hoge Raad binnen zes weken na verzending van het arrest.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.