ECLI:NL:GHSGR:2012:BZ0325
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verzoek om proceskostenvergoeding na waardevermindering onroerende zaak in hoger beroep
Belanghebbende maakte bezwaar tegen een beschikking en aanslag onroerende-zaakbelasting voor het jaar 2010, waarbij de waarde van zijn woning was vastgesteld op €445.000. De rechtbank 's-Gravenhage verklaarde het beroep gegrond en verlaagde de waarde tot €385.000, waarbij tevens proceskosten werden toegewezen.
De Inspecteur stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak, maar trok dit later in. Belanghebbende stelde vervolgens incidenteel hoger beroep in met een verzoek om vergoeding van proceskosten, waaronder kosten voor een taxatierapport, griffierecht, reiskosten en verletkosten.
Het Hof oordeelde dat het taxatierapport, hoewel opgesteld na de waardepeildatum, als ondersteunend bewijs diende en kende een vergoeding toe voor de taxatiewerkzaamheden. Verzoeken om griffierechtvergoeding werden afgewezen omdat belanghebbende geen griffierecht verschuldigd was in deze procedure. Voor reiskosten werd een vergoeding op basis van openbaar vervoer toegekend, maar geen autovergoeding. Verzoek tot vergoeding van reistijd werd afgewezen, maar de gevraagde verletkosten werden wel toegekend.
Het Hof veroordeelde de Inspecteur tot betaling van proceskosten aan belanghebbende ter hoogte van €313,60. De uitspraak werd op 28 november 2012 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het Gerechtshof veroordeelt de Inspecteur tot betaling van €313,60 aan proceskosten aan belanghebbende.