ECLI:NL:GHSGR:2012:BY5983
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Kamminga
- Van Kempen
- Van Wijk
- Rechtspraak.nl
Verlenging ondertoezichtstelling en machtiging uithuisplaatsing minderjarigen in pleegzorg
De moeder is in hoger beroep gekomen tegen een beschikking van de kinderrechter die de ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing van haar vier minderjarige kinderen verlengde tot 9 mei 2013 in een pleegzorgvoorziening. Zij verzocht om vernietiging van deze beschikking en een verlenging met maximaal zes maanden, stellende dat terugplaatsing gewenst is en dat de bedreiging voor de ontwikkeling van de kinderen niet aannemelijk is.
Jeugdzorg verzet zich tegen het verzoek van de moeder en stelt dat de minderjarigen nog steeds een loyaliteitsconflict ervaren en dat de ontwikkeling stagneert. Ook wijst Jeugdzorg op het belang van een persoonlijkheidsonderzoek en een veiligheidsplan als onderdeel van het terug-naar-huistraject. De vader van drie minderjarigen en de vader van de vierde minderjarige geven aan dat de kinderen in een veilige omgeving moeten opgroeien en dat de huidige situatie stress veroorzaakt.
Het hof stelt vast dat de wettelijke gronden voor verlenging van de ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing nog steeds aanwezig zijn. Het is noodzakelijk dat eerst gedegen onderzoek plaatsvindt om te beoordelen of terugplaatsing in het belang van de minderjarigen is. De vertraging in het onderzoek wordt mede toegerekend aan de moeder. Het hof acht het aanvaardbaar dat het persoonlijkheidsonderzoek binnen korte tijd zal starten en afgerond zal zijn.
Daarom bekrachtigt het hof de bestreden beschikking en verklaart de verlenging uitvoerbaar bij voorraad. De ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing blijven van kracht tot 9 mei 2013, zodat de minderjarigen in hun netwerkpleeggezin kunnen blijven wonen.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de verlenging van de ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarigen tot 9 mei 2013.