ECLI:NL:GHSGR:2012:BY4151
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep kort geding
- A.V. van den Berg
- M.J. van der Ven
- T.G.M. Simons
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake beëindiging experiment vrije tarieven mondzorg en onrechtmatige overheidsdaad
De zaak betreft het hoger beroep van verschillende belangenverenigingen van mondzorgaanbieders tegen de Staat inzake de aanwijzing van de minister van Volksgezondheid tot beëindiging van het experiment met vrije prijsvorming in de mondzorg. Dit experiment was gestart per 1 januari 2012 en zou drie jaar duren, maar werd voortijdig stopgezet met ingang van 1 januari 2013.
NMT c.s. stelden dat de minister onrechtmatig had gehandeld door de zakelijke inhoud van het voorgenomen besluit niet vooraf schriftelijk aan de beide kamers der Staten-Generaal mee te delen, zoals vereist in artikel 8 van Pro de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg). Zij betoogden dat deze procedure een wezenlijk vormvoorschrift is en dat de aanwijzing daarom onverbindend is. Daarnaast voerden zij aan dat de aanwijzing in strijd is met algemene beginselen van behoorlijk bestuur.
Het hof oordeelde dat artikel 8 Wmg Pro primair is bedoeld om parlementaire controle te versterken en niet om belanghebbenden de mogelijkheid te geven hun belangen bij het parlement te bepleiten. De niet-naleving van deze procedure maakt de aanwijzing niet onrechtmatig jegens NMT c.s. Ook was er geen sprake van onmiskenbare onrechtmatigheid of strijd met algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Het hof bekrachtigde het vonnis van de voorzieningenrechter en veroordeelde NMT c.s. in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en verklaart de aanwijzing van de minister niet onrechtmatig.