ECLI:NL:GHSGR:2012:BY3201
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- H.M.A. de Groot
- S.A.J. van 't Hul
- H.A. van Brummen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep mishandeling en verkrachting met geheel voorwaardelijke gevangenisstraf
In deze strafzaak stond verdachte terecht voor diverse zedendelicten, mishandeling en poging tot doodslag. Het hof sprak verdachte vrij van de meeste tenlasteleggingen, waaronder meerdere zedendelicten en poging tot doodslag, wegens onvoldoende bewijs. Wel werd hij veroordeeld voor mishandeling van zijn toenmalige vriendin en verkrachting van een ander slachtoffer.
De bewezen verklaarde feiten betreffen ernstige seksuele en fysieke delicten die in de periode 1997-2006 plaatsvonden. Het hof achtte de verklaringen van de slachtoffers betrouwbaar, mede ondersteund door psychologisch onderzoek en getuigenverklaringen. De verdachte kampte met een narcistische persoonlijkheidsstoornis en posttraumatische stress, wat werd meegewogen bij de strafmaat.
Gelet op de overschrijding van de redelijke termijn en de leeftijd en gezondheid van verdachte, legde het hof een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van 11 maanden op met een proeftijd van twee jaar. Daarnaast werd een immateriële schadevergoeding van €1.500 toegewezen aan het slachtoffer van verkrachting, te betalen aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer. Een contactverbod werd niet opgelegd wegens gebrek aan noodzaak.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van 11 maanden en toekenning van immateriële schadevergoeding aan het slachtoffer.