ECLI:NL:GHSGR:2012:BX6812
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Raadkamer
- J.W. Wabeke
- D.J.C. van den Broek
- S.J.A.M. van Gend
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid klager in beklag tegen niet-vervolging wederspannigheid en niet opvolgen ambtelijk bevel
Klager diende een beklag in tegen de beslissing van de officier van justitie te Rotterdam om beklaagde niet te vervolgen voor wederspannigheid en het niet opvolgen van een ambtelijk bevel, zoals bedoeld in de artikelen 180 en 184 van het Wetboek van Strafrecht.
De advocaat-generaal had geadviseerd het beklag gegrond te verklaren en de vervolging te gelasten. Tijdens de behandeling in raadkamer werden klager, zijn raadsvrouw en beklaagde gehoord. De advocaat-generaal handhaafde zijn standpunt tot gelasting van vervolging.
Het hof oordeelde echter dat klager niet als rechtstreeks belanghebbende kon worden beschouwd, omdat de artikelen 180 en 184 Sr gericht zijn op de bescherming van het openbaar gezag en niet op een specifiek individueel belang van klager. Ook het feit dat klager letsel had opgelopen leidde niet tot een ander oordeel. Daarom verklaarde het hof klager niet-ontvankelijk in zijn beklag.
Uitkomst: Klager is niet-ontvankelijk verklaard in zijn beklag tegen het niet vervolgen van beklaagde.