ECLI:NL:GHSGR:2012:BX4037
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep verkrachting, poging verkrachting, mishandeling en wapenbezit
De verdachte werd beschuldigd van verkrachting door tongzoenen, poging tot verkrachting, mishandeling, vrijheidsberoving en het voorhanden hebben van een vuurwapen met munitie. De feiten vonden plaats op 18 en 20 maart 2011 in Rotterdam, waarbij het slachtoffer de ex-vriendin van de verdachte was. Het hof achtte wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan, met uitzondering van hetgeen meer of anders was ten laste gelegd.
De verdachte had het slachtoffer met geweld en bedreiging gedwongen tot seksuele handelingen, haar geslagen en geduwd, haar bewegingsvrijheid ontnomen en een vuurwapen in bezit gehad. De verdediging voerde vrijwillige terugtred aan voor de poging tot verkrachting en stelde dat de woningdoorzoeking onrechtmatig was, maar het hof verwierp deze verweren.
De straf werd vastgesteld op 24 maanden gevangenisstraf, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar en een contactverbod met het slachtoffer. De verdachte werd veroordeeld tot betaling van € 1.000 immateriële schadevergoeding aan het slachtoffer, vermeerderd met wettelijke rente. De straf weerspiegelt de ernst van de feiten, eerdere veroordelingen en de impact op het slachtoffer.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 24 maanden gevangenisstraf, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, met contactverbod en schadevergoeding aan slachtoffer.