ECLI:NL:GHSGR:2012:BX3996
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens meermalig handelen in heroïne, illegaal verblijf en bezit vals reisdocument
De verdachte werd beschuldigd van meermalig handelen in heroïne in Rotterdam gedurende de periode van januari 2010 tot juli 2011, illegaal verblijf terwijl hij tot ongewenst vreemdeling was verklaard, en het bezit van een vals Frans reisdocument. De politie kwam een dealpand op het spoor na meldingen en observaties, waarna de verdachte werd aangehouden in het pand.
De verdachte was sinds 2005 tot ongewenst vreemdeling verklaard en had Nederland niet verlaten, ondanks de wettelijke verplichting daartoe. Het hof oordeelde dat dit verblijf strafbaar is volgens artikel 197 Sr Pro, mede gelet op de Europese Terugkeerrichtlijn en jurisprudentie van het Hof van Justitie. De verdediging voerde bewijsuitsluiting aan wegens onrechtmatige aanhouding, maar het hof verwierp dit omdat de politie rechtmatig het pand betrad.
Het hof achtte wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte samen met een mededader heroïne verhandelde, illegaal verbleef en een vals reisdocument bezat. Gelet op de ernst van de feiten, eerdere veroordelingen en het feit dat de verdachte handelde om zijn eigen verslaving te bekostigen, legde het hof een gevangenisstraf van 20 maanden op, met aftrek van voorarrest. Het hof vernietigde het eerdere vonnis en sprak de verdachte vrij van niet bewezen verklaarde feiten.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 20 maanden gevangenisstraf voor meermalig handelen in heroïne, illegaal verblijf en bezit van vals reisdocument.