ECLI:NL:GHSGR:2012:BX3354
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Van de Poll
- Van Leuven
- Van Wijk
- Rechtspraak.nl
Vonnis over voorlopige omgangsregeling tussen vader en minderjarige bij twijfel over problematiek vader
De moeder is in hoger beroep gekomen tegen een beschikking van de rechtbank Rotterdam waarin een voorlopige omgangsregeling tussen de vader en de minderjarige was vastgesteld. De vader kampt met psychische klachten, waaronder depressie, suïcideneigingen, en een alcohol- en cannabisafhankelijkheid, waarvoor hij zich niet structureel laat behandelen. De moeder vordert dat de omgang wordt ontzegd zolang de problematiek niet is opgelost.
De rechtbank had geoordeeld dat er geen contra-indicaties waren om omgang te ontzeggen en stelde een voorlopige omgangsregeling vast, waarbij de raad voor de kinderbescherming onderzoek moest doen. De raad adviseerde de zaak aan te houden zodat de vader zijn hulpverlening kan voortzetten en proefcontacten begeleid kunnen plaatsvinden.
Het hof stelt vast dat de vader onvoldoende heeft aangetoond dat hij zijn problemen onder controle heeft en dat het wantrouwen van de moeder groot blijft. Daarom acht het hof de voorlopige omgangsregeling in strijd met de zwaarwegende belangen van de minderjarige. Het hof vernietigt de voorlopige omgangsregeling en wijst de zaak terug naar de rechtbank voor verdere afdoening.
Uitkomst: Het hof vernietigt de voorlopige omgangsregeling en wijst de zaak terug naar de rechtbank voor verdere afdoening.