ECLI:NL:GHSGR:2012:BX2075
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- van Nievelt
- van Kempen
- Kamminga
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid Nederlandse rechter bij verlenging ondertoezichtstelling na verhuizing minderjarigen naar België
De Stichting Bureau Jeugdzorg Stadsregio Rotterdam is in hoger beroep gekomen tegen een beschikking van de kinderrechter die zich onbevoegd verklaarde om kennis te nemen van verzoeken tot verlenging van de ondertoezichtstelling van drie minderjarigen die naar België waren verhuisd.
Het geschil betrof de vraag of de Nederlandse rechter bevoegd was op grond van artikel 10 van Pro Verordening (EG) nr. 2201/2003 (Brussel IIbis), ondanks dat de minderjarigen hun gewone verblijfplaats in België hadden. Het hof overwoog dat de verhuizing naar België niet als een ongeoorloofde overbrenging kon worden aangemerkt, omdat er geen machtiging tot uithuisplaatsing bestond ten tijde van de verhuizing.
Daarmee bleef de hoofdregel van artikel 8 Brussel Pro IIbis van toepassing, die bepaalt dat de rechter van de lidstaat van de gewone verblijfplaats van het kind bevoegd is. Gezien de minderjarigen sinds augustus 2011 in België woonden en daar een vaste verblijfplaats hadden, was de Nederlandse rechter onbevoegd. Het hof bekrachtigde daarom de bestreden beschikking.
Uitkomst: De Nederlandse rechter is onbevoegd om kennis te nemen van verzoeken tot verlenging van ondertoezichtstelling van minderjarigen met gewone verblijfplaats in België.