ECLI:NL:GHSGR:2012:BX0405
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Verstek
- W.J. van Boven
- J.M. van de Poll
- B.A. Stoker-Klein
- Rechtspraak.nl
Veroordeling poging tot woninginbraak met immateriële schadevergoeding
De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld tot een taakstraf wegens poging tot woninginbraak, maar ging in hoger beroep. Het hof oordeelde dat de verdachte zich schuldig had gemaakt aan poging tot inbraak door het inslaan van twee ruiten om toegang tot de woning te verkrijgen, zonder het misdrijf te voltooien.
De advocaat-generaal stelde aanvankelijk niet-ontvankelijkheid van het hoger beroep voor, maar het hof achtte de verdachte ontvankelijk. Het hof achtte het bewezen dat de verdachte op 21 augustus 2011 te Monster twee ruiten had ingeslagen met het oogmerk om geld of goederen te stelen.
De ernst van het feit en de omstandigheden maakten een onvoorwaardelijke gevangenisstraf passend. Het hof legde een straf van zes weken gevangenisstraf op, zwaarder dan de door de advocaat-generaal gevorderde straf. Tevens werd een immateriële schadevergoeding van €400 aan de benadeelde partij toegewezen wegens de inbreuk op de persoonlijke levenssfeer en de angst die de inbraak veroorzaakte.
De verdachte werd veroordeeld tot betaling van deze schadevergoeding aan de benadeelde partij en tevens aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer, met wettelijke rente vanaf de datum van het misdrijf. Bij niet-betaling kan dit worden vervangen door acht dagen hechtenis.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 6 weken gevangenisstraf en betaling van €400 immateriële schadevergoeding aan benadeelde partij.