ECLI:NL:GHSGR:2012:BW9795
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- M.A.F. Tan-de Sonnaville
- M.J. van der Ven
- J.C.N.B. Kaal
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over meerwerk en eindafrekening aannemingsovereenkomst
Blokland & De Rooij heeft in opdracht van de geïntimeerde diens monumentale pand verbouwd en gerenoveerd op basis van een aannemingsovereenkomst met een aanneemsom van €276.555,- inclusief BTW en stelposten. Tijdens de uitvoering is meerwerk verricht waarvoor tussentijdse facturen zijn verzonden, waarvan een deel onbetaald bleef. De geïntimeerde betwistte de meerwerkfacturen en stelde dat hij teveel had betaald, waarna hij een tegenvordering uit onverschuldigde betaling instelde.
De rechtbank wees een deel van de vorderingen toe en verrekende deze, maar het hof vernietigde dit vonnis. Het hof oordeelde dat de bewijslast voor de reconventionele vordering bij de geïntimeerde ligt en dat Blokland & De Rooij haar facturen voldoende heeft gespecificeerd. De vordering van Blokland & De Rooij tot betaling van €15.575,17 werd toegewezen, terwijl de reconventionele vordering van de geïntimeerde werd afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing en bewijs.
Verder oordeelde het hof dat de factuur voor hang- en sluitwerk onvoldoende was onderbouwd en wees deze af. Ook de vordering voor buitengerechtelijke incassokosten werd afgewezen wegens gebrek aan bewijs van extra werkzaamheden. De geïntimeerde werd veroordeeld in de proceskosten van zowel eerste aanleg als hoger beroep.
Uitkomst: Geïntimeerde wordt veroordeeld tot betaling van €15.575,17 met rente en reconventionele vordering wordt afgewezen.