ECLI:NL:GHSGR:2012:BW0890
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Kamminga
- Labohm
- Van Wijk
- Rechtspraak.nl
Vaststelling en vernietiging kinderalimentatie bij schuldsanering vader
In deze zaak staat de vaststelling van kinderalimentatie centraal. De vader is in hoger beroep gekomen tegen een beschikking van de rechtbank die hem verplichtte een bijdrage van €250 per maand te betalen voor de verzorging en opvoeding van zijn minderjarige kind. De vader stelt onvoldoende draagkracht te hebben, mede door zijn toelating tot de schuldsaneringsregeling (WSNP) van 2008 tot 2011 en het beëindigen van zijn arbeidsovereenkomst in 2011.
Het hof oordeelt dat de vader gedurende de WSNP-periode geen draagkracht had omdat hij slechts over een wettelijk vastgesteld minimum kon beschikken. Ook na afloop van de schuldsanering heeft de vader volgens het hof geen draagkracht, gelet op zijn financiële situatie en schulden. De behoefte van het kind wordt vastgesteld op €140,79 per maand, maar dit kan niet worden toegewezen vanwege het ontbreken van draagkracht.
Het hof vernietigt daarom de beschikking van de rechtbank en wijst het verzoek van de moeder af. Hiermee wordt de kinderalimentatie niet vastgesteld en blijft de vader niet gehouden tot betaling. De beschikking is uitgesproken door het hof 's-Gravenhage op 11 januari 2012.
Uitkomst: De beschikking tot vaststelling van kinderalimentatie wordt vernietigd en het verzoek van de moeder afgewezen wegens gebrek aan draagkracht van de vader.