ECLI:NL:GHSGR:2011:BW4119
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- L.F. Gerretsen-Visser
- W.P.C.M. Bruinsma
- I.P.A. van Engelen
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens invoer van 81 kilogram cocaïne met gebruik van machines als dekmantel
De verdachte werd in hoger beroep veroordeeld voor het opzettelijk invoeren van circa 81 kilogram cocaïne in Nederland, verborgen in vliegwielen van dieselmotoren die als dekmantel dienden. Het hof oordeelde dat de verdachte wetenschap had van de aanwezigheid van de cocaïne en dat de aankoop van de machines niet een normale transactie was, maar een dekmantel voor drugssmokkel.
De verdediging voerde meerdere verweren aan, waaronder niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie vanwege vermeende onderzoeksverzuimen zoals het ontbreken van tijdig onderzoek naar e-mailverkeer vóór 29 november 2007, het niet onderzoeken van weggegooide goederen, onduidelijkheid over de vaarroute en zegels van de container, en het plaatsen van cocaïne zonder rechtshulpverzoek. Het hof verwierp deze verweren, stellende dat geen concreet nadeel voor de verdachte was aangetoond en dat de rechtshulpprocedure correct was gevolgd.
Het hof sprak de verdachte vrij van de tenlasteleggingen met betrekking tot het voorbereiden en bevorderen van het feit en andere bijkomende feiten, omdat deze niet wettig en overtuigend waren bewezen. De straf werd bepaald op 36 maanden gevangenisstraf, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, rekening houdend met de ernst van het feit, de persoonlijke omstandigheden van de verdachte en het feit dat hij ook slachtoffer was van mishandeling.
Daarnaast verklaarde het hof zes kratten met dieselmotoren, die als vervoermiddel van de cocaïne dienden, verbeurd. Het vonnis van de rechtbank Rotterdam werd vernietigd en het hof sprak het vonnis uit na uitgebreide behandeling van het dossier en meerdere zittingen.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 36 maanden gevangenisstraf, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, wegens invoer van circa 81 kilogram cocaïne.