ECLI:NL:GHSGR:2011:BV1153
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- J.C.N.B. Kaal
- M.Y. Bonneur
- H.D. van Romburgh
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt economisch opstalrecht Eneco op leidingen en kostenveroorzakingsprincipe
In deze zaak stond centraal de vraag wie de kosten van het verleggen van leidingen moet dragen, waarbij Eneco stelde een economisch opstalrecht te hebben op de leidingen die zij van de Gemeente Rotterdam had verkregen bij verzelfstandiging in 1992.
Het hof stelde vast dat bij de verzelfstandiging een economisch opstalrecht was toegekend, waarmee Eneco niet alleen eigendom van de leidingen verkreeg, maar ook een zakelijk 'ligrecht' om de leidingen in de grond van de Gemeente te hebben. De Gemeente moest medewerking verlenen aan het vestigen van een juridisch opstalrecht op de leidingtracés.
Daarnaast bevestigde het hof dat partijen het kostenveroorzakingsprincipe hanteren, waarbij de partij die de verlegging veroorzaakt de integrale kosten moet dragen. De Gemeente werd veroordeeld tot naleving van haar contractuele verplichtingen en medewerking aan het vestigen van opstalrechten, en tot vergoeding van de proceskosten.
Uitkomst: Het hof verklaart dat Eneco een economisch opstalrecht heeft en bevestigt dat de Gemeente de gemaakte afspraken over kostenverdeling bij verlegging moet naleven.