ECLI:NL:GHSGR:2011:BS1431
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Mos-Verstraten
- Kamminga
- Linsen-Penning de Vries
- Rechtspraak.nl
Bevestiging partneralimentatie ondanks betwisting samenwoning en wijzigingsverzoek
De man verzocht het hof om de partneralimentatieverplichting jegens de vrouw per 1 april 2009 te beëindigen of te verlagen, stellende dat de vrouw samenleeft met een ander als waren zij gehuwd, wat de alimentatieplicht zou beëindigen volgens artikel 1:160 BW Pro. Daarnaast voerde hij subsidiair een ingrijpende wijziging van omstandigheden aan op grond van artikel 1:159 lid 3 BW Pro.
Het hof nam de feiten van de rechtbank over en oordeelde dat de man onvoldoende bewijs had geleverd voor een duurzame affectieve relatie, samenwoning, wederzijdse verzorging en gemeenschappelijke huishouding tussen de vrouw en de heer met wie zij zou samenwonen. De door de man overgelegde rapportages en verklaringen waren onvoldoende om de stelling te onderbouwen. De vrouw werd als kwetsbaar beoordeeld met een beperkt sociaal netwerk en gezondheidsproblemen.
Ook het beroep op een ingrijpende wijziging werd verworpen, omdat de man geen feiten had gesteld die dit aannemelijk maakten. De vrouw woont zelfstandig en draagt zelf de lasten, en er was geen bewijs dat zij inkomsten uit arbeid had. De rechtbank had de verzoeken van de man afgewezen en het hof bekrachtigde deze beslissing.
De vrouw werd niet veroordeeld in de kosten van de door de man ingeschakelde deskundige. De bestreden beschikking werd bevestigd, waarmee de alimentatieverplichting bleef bestaan.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de bestreden beschikking en wijst het verzoek tot beëindiging of verlaging van de partneralimentatie af.