ECLI:NL:GHSGR:2011:BR6428
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- A.A. Schuering
- E.J. van Sandick
- A.G.M. Zander
- Rechtspraak.nl
Ontslag van instantie wegens niet tijdige betaling griffierecht in hoger beroep
Appellanten hebben tijdig hoger beroep ingesteld tegen vonnissen van de rechtbank, maar zijn niet binnen de wettelijk gestelde termijn van vier weken na de eerste roldag overgegaan tot betaling van het griffierecht. De eerste roldag was op 31 mei 2011, terwijl het griffierecht pas op 1 juli 2011 werd bijgeschreven, drie dagen te laat.
Het hof overweegt dat het niet ontvangen van een nota voor betaling geen geldig excuus is, aangezien de betalingstermijn rechtstreeks uit de Wet griffierechten burgerlijke zaken volgt. Appellanten hadden zelf de hoogte van het griffierecht kunnen achterhalen en betalen. De omstandigheden omtrent de advocaat en de rekening-courant zijn voor risico van appellanten.
Gelet op artikel 127a lid 2 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering wordt geïntimeerden ontslagen van deze instantie. Appellanten worden veroordeeld in de proceskosten van het hoger beroep, vastgesteld op een totaal van €731,--. Het arrest is op 30 augustus 2011 in het openbaar gewezen.
Uitkomst: Appellanten worden ontslagen van verdere behandeling wegens niet tijdige betaling van griffierecht en veroordeeld in proceskosten.