ECLI:NL:GHSGR:2011:BR5857
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Kamminga
- De Haan-Boerdijk
- Stollenwerck
- Rechtspraak.nl
Omzetting bewind naar curatele en benoeming provisionele bewindvoerder en mentor
In deze zaak staat de omzetting van een beschermingsbewind naar een ondercuratelestelling centraal, waarbij het hof het hoger beroep behandelt tegen een beschikking van de kantonrechter. De kantonrechter had het CAV ontslagen als bewindvoerder en mr. A. de Jong benoemd tot provisionele bewindvoerder met uitgebreide bevoegdheden, terwijl het verzoek tot ondercuratelestelling was aangehouden.
Appellanten voerden onder meer aan dat het bewind voldoende bescherming bood en dat de benoeming van een provisionele bewindvoerder niet nodig was. Ook werd gesteld dat de kantonrechter het beginsel van hoor en wederhoor had geschonden en dat de bevoegdheden van de provisionele bewindvoerder beperkt moesten worden. Het hof oordeelde dat het hoger beroep voor zover gericht tegen de omzetting naar ondercuratelestelling niet-ontvankelijk was wegens gebrek aan belang.
Het hof stelde vast dat de rechthebbende een 91-jarige man is die door een beroerte en hersenletsel handelingsonbekwaam is geworden, met moeizame contacten met familieleden. Gezien de ernst van de situatie achtte het hof de benoeming van een provisionele bewindvoerder noodzakelijk en bekrachtigde de beschikking. Daarnaast werd [verzoekster], die de dagelijkse verzorging verzorgt, benoemd tot mentor voor niet-vermogensrechtelijke belangen. De bevoegdheden van de provisionele bewindvoerder werden beperkt tot vermogensrechtelijke handelingen, terwijl de mentor zorg en begeleiding behartigt.
De proceskosten werden tussen partijen gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt. Het hof wees het overige in hoger beroep gevorderde af.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de benoeming van een provisionele bewindvoerder met vermogensrechtelijke bevoegdheden en stelt een mentor aan voor de niet-vermogensrechtelijke belangen van de rechthebbende.