ECLI:NL:GHSGR:2011:BR4518
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- J. Borgesius
- A.V. van den Berg
- M.A. van der Ham
- Rechtspraak.nl
Ontslag van rechtsvervolging wegens ontbreken strafbaar feit arbeid zonder vergunning
De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld wegens het laten verrichten van arbeid door twee vreemdelingen zonder tewerkstellingsvergunning, in strijd met de Wet arbeid vreemdelingen. In hoger beroep heeft het hof vastgesteld dat het bewezenverklaarde feit niet is gekenmerkt als misdrijf of overtreding binnen deze wet, hetgeen in strijd is met artikel 2, derde lid, van de Wet op de economische delicten.
Het hof achtte het bewezen dat de verdachte als werkgever twee vreemdelingen zonder vergunning arbeid heeft laten verrichten, maar kon dit feit niet strafrechtelijk kwalificeren. Hierdoor kon geen strafbaar feit worden vastgesteld. De advocaat-generaal had een taakstraf en geldboete gevorderd, maar het hof kon deze vorderingen niet overnemen.
Het hof vernietigde het vonnis van de politierechter en sprak de verdachte vrij van alle rechtsvervolging wegens het ontbreken van een strafbaar feit. De verdachte werd niet geschaad in haar verdediging door eventuele taal- of schrijffouten in de tenlastelegging. Het arrest werd gewezen door drie rechters, waarvan een niet kon ondertekenen.
Uitkomst: Verdachte wordt ontslagen van alle rechtsvervolging wegens het ontbreken van een strafbaar feit.