ECLI:NL:GHSGR:2011:BR4470
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- B.A. Stoker-Klein
- G.J.W. van Oven
- A.J.M. Kaptein
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor mensenhandel en verkrachting minderjarige in prostitutie
De verdachte heeft samen met mededaders een veertienjarig meisje uit Goes opgehaald, naar Rotterdam gebracht, huisvesting geregeld en haar in de prostitutie gebracht. Het slachtoffer werd gedwongen seksuele handelingen te verrichten en al haar verdiensten af te staan. Daarnaast heeft de verdachte haar meermaals verkracht.
De verdediging voerde onder meer niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie aan wegens procedurele tekortkomingen, maar het hof verwierp deze bezwaren omdat geen sprake was van schending van verdedigingsrechten. Het bewijs bestond uit verklaringen van het slachtoffer, medeverdachten en politieprocessen-verbaal.
Het hof achtte wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte medepleger was van mensenhandel en verkrachting. Gezien de ernst van de feiten, het leeftijdsverschil en de afhankelijkheidsrelatie, werd een gevangenisstraf van 30 maanden opgelegd, waarvan 10 maanden voorwaardelijk, met een strafkorting wegens overschrijding van de redelijke termijn.
De vordering tot schadevergoeding van het slachtoffer werd deels toegewezen tot €2.500,-. De verdachte werd veroordeeld tot betaling van dit bedrag aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer. Het hof vernietigde het eerdere vonnis en deed opnieuw recht.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 30 maanden gevangenisstraf, waarvan 10 maanden voorwaardelijk, wegens mensenhandel en verkrachting van een minderjarige.