ECLI:NL:GHSGR:2011:BR2558
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- A.A. Schuering
- E.J. van Sandick
- A.G.M. Zander
- Rechtspraak.nl
Ontslag van instantie wegens niet tijdige betaling griffierecht in hoger beroep
Appellante heeft tijdig hoger beroep ingesteld tegen een vonnis van de rechtbank Rotterdam, sector kanton. Zij heeft echter nagelaten het griffierecht binnen de wettelijk gestelde termijn van vier weken na de eerste roldag te voldoen. Ondanks een mondelinge behandeling en schriftelijke toelichtingen over de vertraging, oordeelt het hof dat de te late betaling niet verschoonbaar is.
De vertraging werd veroorzaakt door administratieve fouten en afwezigheid van de verantwoordelijke medewerker, maar het hof acht deze omstandigheden onvoldoende om de niet tijdige betaling te rechtvaardigen. Appellante voerde tevens persoonlijke omstandigheden aan, waaronder een kennelijk onredelijk ontslag en emotionele impact, en deed een beroep op artikel 127a lid 3 Rv, maar het hof ziet hierin geen reden tot uitzondering.
Gelet op het belang van een correcte en tijdige betaling van griffierechten en de wettelijke bepalingen, ontslaat het hof geïntimeerde van verdere behandeling van de zaak en veroordeelt appellante in de proceskosten van het hoger beroep. Hiermee wordt het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Appellante wordt ontslagen van verdere behandeling wegens niet tijdige betaling van griffierecht en veroordeeld in proceskosten.