ECLI:NL:GHSGR:2011:BQ9952
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- A.A. Schuering
- E.J. van Sandick
- A.G.M. Zander
- Rechtspraak.nl
Ontslag van instantie wegens niet tijdige betaling van griffierecht in hoger beroep
Appellant heeft tijdig hoger beroep ingesteld tegen een vonnis van de rechtbank 's-Gravenhage en geïntimeerde gedagvaard. Beide partijen zijn bij advocaat verschenen. De zaak werd op 26 april 2011 aangehouden om af te wachten of appellant het griffierecht zou betalen. Volgens artikel 3 lid 3 van Pro de Wet griffierechten burgerlijke zaken moest appellant het griffierecht binnen vier weken na de eerste roldag (uiterlijk 24 mei 2011) voldoen.
Appellant heeft het griffierecht niet betaald. Het hof heeft daarom op 31 mei 2011 besloten het arrest te wijzen op basis van het griffiedossier. Geïntimeerde heeft verzocht appellant te veroordelen in de proceskosten. Het hof heeft geoordeeld dat geen omstandigheden zijn gebleken die onbillijkheid van overwegende aard zouden veroorzaken door toepassing van artikel 127 lid 2 Rv Pro.
Daarom ontslaat het hof geïntimeerde van deze instantie en veroordeelt appellant in de proceskosten van het hoger beroep, vastgesteld op € 284 voor verschotten en € 447 voor advocaatkosten. Het arrest is op 28 juni 2011 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Appellant wordt veroordeeld in de proceskosten en geïntimeerde wordt ontslagen van deze instantie wegens niet tijdige betaling van griffierecht.