ECLI:NL:GHSGR:2011:BQ7697
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- P.J.J. Vonk
- H.A.J. Kroon
- Chr.Th.P.M. Zandhuis
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt rechtmatigheid tweede voorlopige aanslag inkomstenbelasting
Belanghebbende diende op 9 april 2009 een aangifte inkomstenbelasting in met een nihil belastbaar inkomen, afwijkend van de jaaropgave. Na ontdekking van deze fout diende hij op 10 april 2009 een tweede aangifte in met een belastbaar inkomen van €14.222. De Inspecteur legde op basis van de eerste aangifte een voorlopige aanslag op die leidde tot een teruggaaf, en vervolgens een tweede voorlopige aanslag op basis van de tweede aangifte die een betaling van €2.706 vereiste.
Belanghebbende stelde dat de tweede aangifte een herstelaangifte was en dat de tweede voorlopige aanslag onrechtmatig was, onder meer omdat een voorlopige aanslag tot een negatief bedrag niet zonder verzoek kan worden opgelegd. Het Hof oordeelde dat de tweede aangifte geen vrijwillige verbetering in de zin van artikel 67n AWR is en dat de tweede voorlopige aanslag geen navorderingsaanslag is. Tevens is het de Inspecteur toegestaan een voorlopige aanslag tot een negatief bedrag op te leggen conform artikel 13 lid 2 AWR Pro.
Het Hof benadrukte dat de Inspecteur niet verplicht was de eerste aangifte te controleren op juistheid alvorens de voorlopige aanslag op te leggen. De tweede voorlopige aanslag was terecht opgelegd vanwege afwijkende feiten en omstandigheden. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt dat de Inspecteur terecht een tweede voorlopige aanslag heeft opgelegd en verklaart het hoger beroep ongegrond.