ECLI:NL:GHSGR:2011:BQ7192
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- J.W. van Rijkom
- V. Disselkoen
- P.S. Kamminga
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over ontslagvergoeding en 30%-regeling bij beëindiging arbeidsovereenkomst
De werknemer trad op 1 december 2007 in dienst bij Fortis Bank Nederland (FBN) met een arbeidsvoorwaardenpakket dat onder meer een vast salaris, een gegarandeerde bonus en een sign-on bonus omvatte. Na beëindiging van de arbeidsovereenkomst op 1 februari 2009 ontstond een geschil over de betaling van de ontslagvergoeding, bonussen en de toepassing van de fiscale 30%-regeling.
De kantonrechter kende een ontbindingsvergoeding toe maar wees de overeengekomen ontslagvergoeding af wegens de korte duur van het dienstverband. In hoger beroep stelde het hof vast dat FBN en haar rechtsopvolger ABN Amro gebonden zijn aan de gemaakte afspraken, ook al waren sommige ondertekenaars mogelijk onbevoegd. De werknemer had terecht aanspraak op de volledige ontslagvergoeding zoals overeengekomen, vermeerderd met wettelijke rente.
Daarnaast werd geoordeeld dat ABN Amro de 30%-regeling niet correct had toegepast en dat zij de bedragen moest bruteren zodat de werknemer netto hetzelfde zou ontvangen als bij toepassing van de regeling. De vorderingen van de werknemer werden grotendeels toegewezen, met uitzondering van een matiging van de wettelijke verhoging tot 10%. Het hof vernietigde de eerdere vonnissen en veroordeelde ABN Amro tot betaling van de volledige bedragen en kosten.
Uitkomst: ABN Amro wordt veroordeeld tot betaling van de overeengekomen ontslagvergoeding, achterstallige bonussen en naleving van de 30%-regeling aan de werknemer, vermeerderd met wettelijke rente en kosten.