ECLI:NL:GHSGR:2010:BR0636
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Kamminga
- Van Dijk
- Roelvink
- Rechtspraak.nl
Wijziging voorlopige kinderalimentatie in hoger beroep na echtscheiding
In deze zaak stond de voorlopige kinderalimentatie centraal die de man aan de vrouw moest betalen voor de verzorging en opvoeding van hun minderjarige kinderen. De rechtbank had eerder bepaald dat de man €657 per maand per kind moest betalen vanaf 1 juni 2009. De man verzocht het hof om deze beschikking te wijzigen en de alimentatiebedragen in goede justitie vast te stellen.
De vrouw verzette zich tegen dit verzoek en wilde dat de oorspronkelijke beschikking gehandhaafd bleef. Tijdens de mondelinge behandeling, waarbij beide partijen en hun advocaten aanwezig waren, werden de standpunten toegelicht en aanvullende stukken overgelegd. Het hof baseerde zich op de feiten vastgesteld door de rechtbank en de ingebrachte stukken.
Uiteindelijk besloot het hof de voorlopige kinderalimentatie te verlagen naar €292 per maand per kind met ingang van 1 juni 2009. Dit bedrag geldt voor de duur van het geding. Het hof wees het verzoek van de man om verdere wijzigingen af. De uitspraak werd gedaan door de rechters Kamminga, Van Dijk en Roelvink op 1 december 2010.
Uitkomst: De voorlopige kinderalimentatie wordt verlaagd naar €292 per maand per kind met ingang van 1 juni 2009.