ECLI:NL:GHSGR:2010:BO9671
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Mos-Verstraten
- Kamminga
- Linsen-Penning de Vries
- Rechtspraak.nl
Hoofdverblijfplaats minderjarige bij vader, begeleide contactregeling met moeder na scheiding
Na de echtscheiding van de ouders is de hoofdverblijfplaats van de minderjarige bij de vader vastgesteld door de rechtbank. De vader kwam in hoger beroep tegen de contactregeling met de moeder, die onbegeleid was vastgesteld. De moeder stelde zich op het standpunt dat de verblijfplaats bij haar moest worden bepaald, mede vanwege vermeende psychische problemen van de vader en haar eigen geschiktheid.
Het hof oordeelde dat de vader in staat is de minderjarige de nodige verzorging en opvoeding te bieden en dat continuïteit in de leefomgeving belangrijk is gezien de leeftijd en ontwikkeling van het kind. De moeder heeft erkend opgenomen te zijn geweest in een psychiatrisch ziekenhuis in Moskou, hetgeen het hof niet aannemelijk achtte als vrijwillige opname. De veiligheid van de minderjarige is volgens het hof voldoende gewaarborgd bij de vader.
Wat betreft de contactregeling constateerde het hof dat onbegeleide contacten tussen moeder en kind zijn geëscaleerd en dat de minderjarige zich niet veilig voelt bij de moeder. Daarom vernietigt het hof de contactregeling en draagt het aan Jeugdzorg op een begeleide contactregeling te organiseren, waarbij rekening wordt gehouden met de psychische problematiek van de moeder en het belang van de minderjarige.
Het hof wijst het overige in hoger beroep af en bekrachtigt de rest van de beschikking van de rechtbank. De beslissing is genomen na mondelinge behandeling met aanwezigheid van partijen en Jeugdzorg.
Uitkomst: Het hof bevestigt de hoofdverblijfplaats van de minderjarige bij de vader en bepaalt dat de contactregeling met de moeder begeleid door Jeugdzorg zal plaatsvinden.