ECLI:NL:GHSGR:2010:BO8347

Gerechtshof 's-Gravenhage

Datum uitspraak
7 december 2010
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
105.004.941/01, C06/729 (oud)
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 27 FaillissementswetArt. 15 EU InsolventieverordeningArt. 843a Rv
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ontslag van instantie wegens faillissement van Fro d'Or in hoger beroepsprocedure

In deze civiele procedure was Fro d'Or, een rechtspersoon naar Belgisch recht, failliet verklaard op 13 november 2009. Fro d'Or was in hoger beroep gekomen tegen een vonnis waarbij zij was veroordeeld tot betaling van een bedrag aan Trescon wegens geleverde goederen. Tijdens het hoger beroep werd de procedure geschorst en werd de curator opgeroepen om het geding over te nemen, maar deze gaf hieraan geen gevolg.

Trescon verzocht vervolgens om ontslag van instantie op grond van artikel 27, tweede lid Faillissementswet, met het argument dat zij niet onnodig kosten wilde maken die door het faillissement mogelijk niet verhaald konden worden. Het hof oordeelde dat dit verzoek gegrond was en verleende het ontslag van instantie.

Daarnaast veroordeelde het hof Fro d'Or in de kosten van het hoger beroep, bestaande uit verschotten en salaris advocaat, en verklaarde het arrest ten aanzien van de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad. Het arrest werd uitgesproken op 7 december 2010 door het Gerechtshof 's-Gravenhage.

Uitkomst: Het hof verleent ontslag van instantie wegens faillissement en veroordeelt Fro d'Or in de proceskosten.

Uitspraak

GERECHTSHOF ’s-GRAVENHAGE
Sector handel
Zaaknummer : 105.004.941/01
Rolnummer (oud) : 06/729
Zaak-/rolnummer rechtbank : 198482 / HA ZA 03-1505
Arrest van de eerste civiele kamer d.d. 7 december 2010
inzake
de rechtspersoon naar Belgisch recht FRO D’OR,
gevestigd te Bilzen (België),
op 13 november 2009 failliet verklaard,
appellante in de hoofdzaak,
hierna te noemen: Fro d'Or,
advocaat: mr. W.P. den Hertog te 's-Gravenhage,
tegen
TRESCON B.V.,
gevestigd te Zoetermeer,
geïntimeerde in de hoofdzaak,
hierna te noemen: Trescon,
advocaat: mr. H.J.A. Knijff te Amsterdam.
Het geding
Bij arrest van 7 juli 2009 heeft het hof het verzoek van Fro d'Or ex artikel 843a Rv. afgewezen. Voor de gang van zaken tot dan toe wordt verwezen naar dit arrest. Vervolgens heeft Trescon op 27 oktober 2009 een memorie van antwoord (met producties) genomen. Hierop heeft Fro d'Or op 24 november 2009 een akte genomen en op de rol van 12 januari 2010 (onder meer) een kopie van het vonnis van de rechtbank van Tongeren (België) van 13 november 2009, waarin het faillissement van Fro d'Or is uitgesproken, in het geding gebracht. Op 26 januari 2010 heeft Trescon een antwoord-akte genomen. De advocaat van Fro d'Or heeft bericht dat de curatoren in het faillissement van Fro d'Or het geding niet wensen over te nemen. Hierop heeft Trescon op 25 mei 2010 nog een akte genomen, zakelijk inhoudende een herhaald verzoek tot verval van instantie op grond van artikel 27, tweede lid Faillissementswet (Fw). Hierna hebben partijen arrest gevraagd.
Beoordeling van het hoger beroep
1.Het gaat in dit geding, voor zover thans nog aan de orde, om het volgende.
(1.1) Bij het thans bestreden eindvonnis van 2 november 2005 is Fro d'Or veroordeeld, zakelijk weergegeven, om (wegens geleverde goederen) aan Trescon in hoofdsom te betalen een bedrag van € 53.864,41, vermeerderd met contractuele rente, beslag- en proceskosten. De tegenvordering van Fro d'Or (wegens schadevergoeding) is daarbij afgewezen.
(1.2) Fro d'Or is van dit vonnis en het daaraan voorafgegane tussenvonnis van 14 september 2005 in hoger beroep gekomen. Hangende dit hoger beroep is Fro d'Or failliet verklaard.
(1.3) Vervolgens is de procedure in hoger beroep geschorst en heeft Trescon de curator in het faillissement van Fro d'Or opgeroepen tot overneming van het geding (ingevolge artikel 27, eerste lid Faillissementswet -Fw-). De curator heeft aan deze oproeping geen gevolg gegeven.
2. Trescon vraagt thans ontslag van instantie als bedoeld in artikel 27, tweede lid Fw. Haar belang bij een ontslag van instantie is, aldus Trescon, hierin gelegen dat zij niet gedwongen wordt tot het maken van verdere kosten die mogelijk, vanwege het faillissement van Fro d'Or, niet kunnen worden verhaald.
3. Op de onderliggende procedure is Nederlands recht van toepassing. Dit is tussen partijen niet in geschil. Ook op het verzoek tot ontslag van instantie is Nederlands recht van toepassing. Dit volgt onder meer uit het bepaalde in artikel 15 van Pro de EU Insolventie¬verordening (EIV).
Het verzoek van Trescon zal als op de wet gegrond en niet weersproken worden toegewezen. Hierbij past een proceskostenveroordeling ten laste van Fro d'Or.
Beslissing
Het hof:
- verleent ontslag van instantie op grond van artikel 27, tweede lid Faillissementswet;
- veroordeelt Fro d'Or in de kosten van het geding in hoger beroep, aan de zijde van Trescon tot op heden begroot op € 1.860,-- aan verschotten en € 3.262,-- aan salaris advocaat;
- verklaart dit arrest ten aanzien van de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
Dit arrest is gewezen door mrs. M.A.F. Tan-de Sonnaville, J. Kramer en J.C.N.B. Kaal en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van 7 december 2010 in aanwezigheid van de griffier.