ECLI:NL:GHSGR:2010:BO5125
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Kamminga
- Lückers
- De Haan-Boerdijk
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep ouderlijk gezag, omgang en verdeling huwelijksgoederengemeenschap
In deze zaak staat het ouderlijk gezag, de omgangsregeling en de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap tussen partijen centraal. De rechtbank had het gezamenlijk gezag beëindigd en de vrouw het eenhoofdig gezag toegekend, de man ontzegd omgangsrecht en kinderalimentatie vastgesteld. Het hof gaat uit van de feiten zoals vastgesteld door de rechtbank, tenzij anders aangevoerd.
De man betwist de beëindiging van het gezamenlijk gezag en de ontzegging van omgang, stellende dat communicatieproblemen niet ernstig zijn en dat beschuldigingen van alcoholmisbruik en geweld onterecht zijn. De vrouw bevestigt de eerdere beslissing en wijst op betrokkenheid van Jeugdzorg en meldingen van huiselijk geweld. Het hof acht het noodzakelijk dat de raad voor de kinderbescherming een onderzoek instelt naar het gezag en de omgang, waarbij verschillende aspecten worden onderzocht, waaronder risico's voor het kind en mogelijke contactverboden.
Ten aanzien van kinderalimentatie stelt het hof vast dat de man momenteel een WW-uitkering ontvangt en aanzienlijke schulden heeft, waardoor hij geen draagkracht heeft. Daarom wordt de alimentatie met ingang van de inschrijving van de echtscheidingsbeschikking op nihil gesteld, zonder terugbetalingsverplichting voor de vrouw.
Wat betreft de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap wijst het hof verzoeken van partijen af wegens onvoldoende onderbouwing, maar stelt het aanvullende schulden vast die elk voor eigen rekening komen, zonder verdere verrekening. De behandeling van het gezag en omgang wordt aangehouden tot na ontvangst van het rapport van de raad voor de kinderbescherming.
Uitkomst: Het hof stelt de alimentatie op nihil, verzoekt nader onderzoek naar gezag en omgang en wijst een aanvullende schuldenverdeling toe.