ECLI:NL:GHSGR:2010:BO2798
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Chr.Th.P.M. Zandhuis
- W.M.G. Visser
- H.A.J. Kroon
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over heffingsrente bij verliesverrekening en terugvordering heffingskortingen
In deze zaak stond centraal of de heffingsrente terecht was berekend over navorderingsaanslagen die waren opgelegd aan belanghebbende wegens ten onrechte ontvangen heffingskortingen over de jaren 2003 en 2004.
De Inspecteur had navorderingsaanslagen opgelegd met heffingsrente, nadat bij verliesverrekening van de partner over 2006 was vastgesteld dat belanghebbende nooit recht had gehad op de heffingskortingen. De rechtbank had de beroepen van belanghebbende gegrond verklaard en de beschikkingen vernietigd, waarbij zij oordeelde dat het onredelijk was om wel rente in rekening te brengen bij navordering en niet te vergoeden bij verliesverrekening.
Het hof vernietigde de uitspraak van de rechtbank en bevestigde de uitspraken op bezwaar en de beschikkingen heffingsrente. Het hof oordeelde dat de wetgever bewust heeft gekozen voor deze regeling en dat de heffingsrente terecht is berekend vanaf de dag na het einde van het belastingtijdvak waarover de belasting wordt geheven, dus vanaf 1 januari 2004 respectievelijk 1 januari 2005. Belanghebbende mocht niet volstaan met de datum van vaststelling van de verliesverrekeningsbeschikking als aanvangsdatum voor de rente.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt dat heffingsrente terecht is berekend vanaf het einde van de belastingtijdvakken 2003 en 2004 over de navorderingsaanslagen wegens ten onrechte ontvangen heffingskortingen.