ECLI:NL:GHSGR:2010:BN8732
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Labohm
- Pannekoek-Dubois
- Breederveld
- Rechtspraak.nl
Afwijzing hoger beroep inzake verdeling huwelijksgoederengemeenschap wegens onvoldoende onderbouwing
De man is in hoger beroep gekomen tegen de beschikking van de rechtbank Rotterdam van 18 december 2008 betreffende de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap met zijn ex-partner. De rechtbank had de verdeling vastgesteld waarbij de vrouw diverse inboedelgoederen kreeg toegewezen en de man een geldbedrag aan haar moest vergoeden.
Tijdens het hoger beroep heeft de man geen gedetailleerd en met bewijsstukken onderbouwd voorstel voor de verdeling van de gemeenschap kunnen overleggen, ondanks meerdere termijnen en verzoeken van het hof om dit te doen. De vrouw heeft het beroep bestreden en verzocht de beschikking te bekrachtigen.
Het hof heeft vastgesteld dat de man onvoldoende heeft toegelicht en onderbouwd waarom de verdeling anders zou moeten zijn, onder meer omdat hij geen volledige boedelbeschrijving of concrete toedeling van goederen heeft gegeven. Ook was de peildatum voor de omvang van de gemeenschap vastgesteld op de datum van ontbinding van het huwelijk, 16 oktober 2007.
Het hof concludeert dat het niet beschikt over een voldoende inzicht in de omvang en samenstelling van de huwelijksgoederengemeenschap om een nieuwe verdeling te kunnen vaststellen. Daarom wijst het hof het hoger beroep af en bekrachtigt de beschikking van de rechtbank.
De uitspraak is gedaan door drie raadsheren en uitgesproken in een openbare terechtzitting op 15 september 2010.
Uitkomst: Het hof wijst het hoger beroep af en bekrachtigt de beschikking van de rechtbank over de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap.