ECLI:NL:GHSGR:2010:BN5526
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Husson
- Labohm
- Zwagemaker
- Rechtspraak.nl
Beoordeling partner- en kinderalimentatie na echtscheiding met inkomensdaling
In deze zaak stond de hoogte van de partner- en kinderalimentatie na echtscheiding centraal. De man was in hoger beroep gekomen tegen beschikkingen van de rechtbank waarin alimentatieverplichtingen waren vastgesteld. Het geschil beperkte zich tot de draagkracht van de man, waarbij het hof uitging van een lager inkomen in 2010 dan in 2008, vanwege minder overwerk door de economische recessie.
De vrouw had gesteld dat de man samenwoonde met een nieuwe partner en mogelijk zwarte inkomsten genoot, maar het hof vond deze stellingen onvoldoende onderbouwd en verwierp ze. Het hof nam het bruto jaarinkomen van circa €56.122 inclusief vakantietoeslag en overwerk als uitgangspunt, waarbij ook de premie voor de levensloopregeling werd betrokken.
De man werd niet-ontvankelijk verklaard in zijn beroep tegen de afwijzing van een verbeteringsverzoek. Het hof stelde vast dat de maandlasten van de man onbetwist waren en concludeerde dat hij draagkracht heeft voor kinderalimentatie van €250 per maand, maar geen draagkracht voor partneralimentatie. Het verzoek van de vrouw om de man te veroordelen in de proceskosten werd afgewezen.
Uitkomst: De man is gehouden tot betaling van kinderalimentatie van €250 per maand en niet tot partneralimentatie.