ECLI:NL:GHSGR:2010:BN4682
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep kort geding
- Labohm
- Husson
- Stollenwerck
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over verdeling kosten huishouding en effecten na beëindiging relatie
Partijen, voormalig samenwonenden, zijn in geschil geraakt over de verdeling van kosten van de huishouding, effecten transacties en kosten na vertrek. Het hof behandelt het hoger beroep van de man tegen eerdere vonnissen van de rechtbank Rotterdam en het voorwaardelijk incidenteel appel van de vrouw.
De procedure kenmerkt zich door een complexe en omvangrijke discussie over welke kosten tot de gewone gang van de huishouding behoren en hoe deze verdeeld moeten worden. Een deskundige is benoemd om inkomens en bijdragen te berekenen. Het hof oordeelt dat de deskundige zorgvuldig heeft gehandeld, maar past enkele correcties toe, onder meer op de verdeelsleutel over 1998 en 1999 en op bepaalde posten zoals hypotheeklasten en autokosten.
Het hof beslist dat hypotheekrente en vaste lasten van privéwoningen niet tot de kosten van de huishouding behoren. Ook afschrijvingen worden niet als kosten aangemerkt. Kasopnames en drankaankopen worden wel als huishoudkosten beschouwd. De man heeft onvoldoende verantwoording afgelegd over enkele financiële transacties, waardoor dit voor zijn risico komt.
Uiteindelijk wordt de zaak aangehouden met het verzoek aan partijen om nadere berekeningen en toelichtingen in te dienen, waarna verdere beslissing zal volgen. Het hoger beroep wordt ontvankelijk verklaard en de grieven worden deels gehonoreerd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ontvankelijk verklaard, enkele correcties op de verdeling van kosten zijn toegepast en partijen worden verzocht nadere berekeningen in te dienen; verdere beslissing is aangehouden.