ECLI:NL:GHSGR:2010:BN4173
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- A. Dupain
- M.L. Vierhout
- J. Kramer
- Rechtspraak.nl
Beoordeling redelijkheid en rechtmatigheid van ambtshalve belastingaanslagen en versnelde invordering
In deze zaak stond centraal of de Staat, vertegenwoordigd door de Belastingdienst, onrechtmatig had gehandeld door ambtshalve aanslagen over de jaren 2004, 2005 en 2006 op te leggen en versnelde invordering toe te passen. [Appellant] voerde aan dat de aanslagen onjuist waren en dat de Belastingdienst onvoldoende rekening had gehouden met door hem verstrekte gegevens, waardoor onrechtmatige schade was ontstaan.
De rechtbank had de vordering van [appellant] afgewezen, waarbij werd geoordeeld dat de belastingdienst redelijkerwijs tot de opgelegde aanslagen had kunnen komen en dat de versnelde invordering niet onrechtmatig was. Het hof onderschreef deze oordelen na uitgebreide beoordeling van de feiten, waaronder de verkoop van de assurantieportefeuille, het ontbreken van tijdige aangiften, en de beperkte informatievoorziening door [appellant].
Het hof benadrukte dat de Inspecteur een zekere beleidsvrijheid heeft bij het schatten van het belastbaar inkomen, vooral bij onvolledige informatie en het vooruitzicht dat de belastingplichtige het land verlaat. Ook werd geoordeeld dat de invorderingsmaatregelen niet disproportioneel waren en dat het risico van onvoldoende verhaal voor de belastingschuld terecht aanleiding gaf tot versnelde invordering.
De grieven van [appellant] werden stuk voor stuk verworpen, waarbij het hof concludeerde dat de belastingdienst niet onrechtmatig had gehandeld en dat de vordering tot betaling van een voorschot van € 125.000 terecht was afgewezen. [Appellant] werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: De vordering van appellant tot betaling van een voorschot op schadevergoeding wegens onrechtmatige belastingaanslagen is afgewezen.