ECLI:NL:GHSGR:2010:BN3340
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- van Nievelt
- Bouritius
- van Wijk
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep omgangsregeling en DNA-onderzoek voor vaststelling vaderschap minderjarige
De man heeft bij de rechtbank een verzoek ingediend tot vaststelling van een omgangsregeling met de minderjarige, maar werd niet-ontvankelijk verklaard. In hoger beroep stelt het hof vast dat er sprake is van een nauwe persoonlijke betrekking tussen de man en het kind, waardoor het verzoek ontvankelijk is.
De moeder betwist het vaderschap en de nauwe persoonlijke betrekking, terwijl de vader eveneens bezwaar maakt tegen omgang en DNA-onderzoek, stellende dat het belang van de minderjarige rust vereist. Het hof oordeelt dat de man, die zich op biologisch vaderschap beroept, ook bijkomende omstandigheden moet stellen die een nauwe persoonlijke betrekking aantonen.
Omdat het vaderschap niet vaststaat, gelast het hof een deskundigenonderzoek (DNA-onderzoek) om dit te bepalen. De man, moeder en minderjarige moeten hieraan meewerken. De kosten worden voorlopig ten laste van de staat gebracht. De zaak wordt pro forma aangehouden tot de uitkomst van het onderzoek, waarna het hof een definitieve beslissing zal nemen.
Uitkomst: Het hof verklaart de man ontvankelijk, gelast een DNA-onderzoek en houdt de zaak pro forma aan tot het onderzoek is afgerond.