ECLI:NL:GHSGR:2010:BM9304
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging vonnis rechtbank over aansprakelijkheid voor onrechtmatige hennepkwekerij en stroomafname
In deze civiele zaak stond de aansprakelijkheid van appellant centraal voor de schade die Eneco heeft geleden door onrechtmatige stroomafname van een hennepkwekerij in een gehuurde loods en kantoorruimte. Het hof bevestigde het eerdere oordeel dat vanaf 10 oktober 2005 tot 1 november 2005 een hennepplantage aanwezig was waarvoor geen stroom werd gemeten.
Appellant voerde tegenbewijs aan door getuigenverklaringen dat in augustus 2005 geen hennepkwekerij aanwezig was. Het hof achtte deze verklaringen onvoldoende overtuigend vanwege tegenstrijdigheden in de verklaringen van appellant en getuigen, en het ontbreken van bewijs dat zij daadwerkelijk in augustus 2005 in de loods waren.
Het hof nam het bewijsvermoeden over dat de hennepkwekerij mogelijk al vanaf 3 mei 2005 bestond, gebaseerd op plantenresten en vervuiling aan lampen en koolstoffilters. Appellant slaagde er niet in dit vermoeden te ontzenuwen. Daarom werden de grieven ongegrond verklaard en het vonnis van de rechtbank Middelburg van 14 maart 2007 bekrachtigd.
Appellant werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep. Het arrest werd uitgesproken op 22 juni 2010 door het gerechtshof 's-Gravenhage.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en veroordeelt appellant in de kosten van het hoger beroep.