ECLI:NL:GHSGR:2010:BM8501
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging aanslag onroerendezaakbelasting wegens gebruik bouwgrond voor hotel
Belanghebbende, een besloten vennootschap, kocht in juli 2007 twee percelen bouwgrond met het doel een viersterrenhotel te bouwen. Hoewel op 1 januari 2008 nog geen bouwactiviteiten waren gestart vanwege lopende bezwaarprocedures tegen de verleende bouwvergunningen, stond vast dat de grond niet voor handels- of beleggingsdoeleinden werd aangehouden.
De Inspecteur legde aanslagen onroerendezaakbelasting op voor het gebruik van de onroerende zaak in 2008, welke belanghebbende betwistte. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna belanghebbende hoger beroep instelde.
Het hof oordeelde dat de grond bij het begin van het belastingjaar 2008 ter beschikking stond en metterdaad werd gebruikt ter bevrediging van de eigen behoefte, ondanks het feit dat de bouwactiviteiten pas later in 2008 begonnen. Het aanhouden van de grond als voorraad was niet aannemelijk omdat er concrete bouwplannen en vergunningen waren. Het hoger beroep werd daarom afgewezen en de aanslag bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de aanslag onroerendezaakbelasting wordt bevestigd.