ECLI:NL:GHSGR:2010:BM5646
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- J.J.J. Engel
- P.J.J. Vonk
- O.C.R. Marres
- Rechtspraak.nl
Bevestiging waarde woning volgens Wet WOZ ondanks bestemmingsplanbeperkingen
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de WOZ-waarde van haar woning, een bedrijfs-/dienstwoning met een inhoud van circa 480 m³ en een perceel van ongeveer 1.004 m², gelegen te [Z]. De Inspecteur had de waarde na bezwaar vastgesteld op €302.000, terwijl belanghebbende een waarde van €220.000 vorderde.
De rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond, waarna belanghebbende hoger beroep instelde bij het Gerechtshof 's-Gravenhage. Tijdens de zitting op 23 maart 2010 verschenen beide partijen en werd het geschil inhoudelijk besproken.
Het Hof overwoog dat de Inspecteur geslaagd was in de bewijslast om de vastgestelde waarde aannemelijk te maken, mede door de onderbouwing met verkoopprijzen van referentieobjecten met dezelfde bestemming. Het betoog van belanghebbende dat het bestemmingsplan de markt beperkt tot een kleine groep kopers en daardoor de waarde drukt, kon niet baten omdat dit waardedrukkende effect reeds in de referentieprijzen was verwerkt.
Daarom verklaarde het Hof het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werden geen proceskosten aan de Inspecteur toegekend. Belanghebbende kan nog cassatieberoep instellen bij de Hoge Raad.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt de vastgestelde WOZ-waarde van €302.000 en verklaart het hoger beroep ongegrond.